001

Twintigste eeuw: de tuin verhuist

In de eerste jaren van de 20ste eeuw, komt men tot het besef dat een kassencomplex wenselijker is dan de nu nog verspreid staande kassen. Omdat de huidige plek niet voldoende ruimte biedt voor zo’n complex ging men uitkijken naar een ander terrein. In 1917 wordt het landgoed De Wolf (circa 12 hectare) aan de rand van Haren aangekocht. Geldgebrek maakte de aanleg van een hortus in Haren in de beginjaren moeilijk. Wel werd in 1920 een tuin voor de genetica aangelegd. (Deze tuin bestaat inmiddels niet meer. Hier staat nu het voormalige gebouw van het Biologisch Centrum van de Rijksuniversiteit, het Centrum is inmiddels verhuisd naar het Zernike complex). Ook begon men toen op proefveldjes bomen en coniferen te kweken uit zaden.

Aan het eind van de twintiger jaren werd de inplant van het terrein aangepakt. Vanaf het begin was men uitgegaan van het idee een tuin te maken waar planten zich zoveel mogelijk zouden kunnen ontwikkelen in een voor hen natuurlijk milieu. Daarom werden gevarieerde terreinen gecreëerd zoals veentjes en een verschillend bodemreliëf. Bovendien werd rekening gehouden met de eisen van sporenplanten naast die van hogere planten.

De oorlog remde tussen 1940 en 1945 de werkzaamheden tijdelijk af. Daarna is in snel tempo Hortus De Wolf geworden wat deze nu is: eerst de wilde plantentuin, in 1966 kwam de grote tropische kas klaar en werd de plantencollectie uit de Rozenstraat naar Haren overgebracht, tenslotte volgden de rotstuin en de waterpartijen. Door aankopen van aangrenzende terreinen bereikte de tuin zijn huidige oppervlakte van 20 hectare.

In 1995 kreeg de Hortus een Chinese tuin. Het Verborgen Rijk van Ming werd op 12 april van dat jaar officieel geopend door Koningin Beatrix. In 1999 volgde de Tuinen van Ogham. In deze tuin staat het mythologische gedachtegoed van de Kelten centraal.

>> De Hortus in de 21e eeuw

<< Terug naar de 19e eeuw