Wat is goed voor de bij?

Onlangs was ik bij een door “De Verdieping” in Assen georganiseerde lezing van Karel van Haaften over Adam Smith zijn gedachtegoed neergelegd in “The theory of moral sentiments”en zijn andere meesterwerk “The Wealth of Nations”. Een inspirerende lezing van een gepensioneerde personeelsmanager van De Nederlandse Bank. Een van de kernuitspraken in de lezing was: “Wat niet goed is voor de korf, is niet goed voor de bij” (Marcus Aurelius in de Romeinse Oudheid). In deze zin zit heel veel verscholen. Wat mij natuurlijk aanspreekt is de metafoor van de bijenkorf. De winter biedt de imker tijd om eens goed na te denken over hoe hij het volgende seizoen wil gaan imkeren. Waar ligt het volgende jaar de nadruk op? Ga ik voor een maximale honingoogst of zijn er nog andere doelen in het vizier? Bijdragen aan een grotere biodiversiteit, zorgen voor gezonde en sterke bijenvolken door beperkt honing te oogsten, zodat zoveel mogelijk planten worden bestoven en we weer kunnen genieten van de prachtige bloemen en vruchten. Waar doe ik al die inspanning voor?

In de Hortus botanicus Haren is het belangrijkste doel mensen te interesseren voor de honingbij en te laten zien wat voor bijzondere plek insecten in ons ecosysteem innemen. Uiteraard vervullen de bijen ook een belangrijke taak bij de instandhouding van de vele unieke planten in de mooie Hortus. Al die prachtig bloeiende planten trekken niet alleen bijen maar ook bezoekers aan om van al dat moois te genieten. Het is de harmonische balans tussen alle onderdelen van het ecosysteem die zorgen dat het geheel het beste tot zijn recht komt. Helaas moet ik in de huidige tijd constateren en ervaren dat er van een harmonisch evenwicht in Haren al lang geen sprake meer is. De eenzijdige doelstelling op economische groei en louter financiële overleving van de gemeente Haren en de deelnemende projectontwikkelaars leidden tot de nieuwbouw in Haren Noord. Er is een woonwijk gerealiseerd met weinig openbare ruimte en veel te weinig ruimte voor gemeenschappelijk groen. Dit in combinatie met ontsluitingswegen waar niets aan is gedaan. Deze wegen blijken, zoals al in 2004 voorspeld, onvoldoende in staat om vooral in de spits het toenemende gemengde verkeer af te wikkelen.

Met andere woorden, er is indertijd door het toenmalig bestuur onvoldoende nagedacht over de invulling van de gemeenschappelijke voorzieningen in deze wijk. De waarden van de “korf” zijn onvoldoende meegenomen bij de inrichting van de wijk waardoor de “bij” het moet bezuren. Het effect is veel ongenoegen bij individuele bewoners/gebruikers en gevaarlijke toestanden tijdens de drukke verkeersuren in de wijk. Ik hoop dat het nieuwe bestuur weer meer oog krijgt voor het geheel en ook andere doelen dan economische groei en geld meeneemt in de beslissingen.

Henk van der Zijden

16 december 2018

naar nieuwsoverzicht